Onze man in Bogotá (deel 1)

Weinig DMN-ers hebben - met een design- of design management opdracht op zak - zoveel plekken op de wereld bezocht als Peter Kersten. Als ambassadeur, onderzoeker of adviseur is hij vele malen per jaar onderweg. Graag maakt hij zijn collega’s op deze manier deelgenoot van zijn ervaringen.
Ditmaal reizen we met Peter mee op een PUM-missie naar Bogotá.

 


Een regenachtig begin

27 juni 2011. Nadat de piloten van de enorme 4-motorige Iberia Airbus A340 hadden besloten de landing naar het vliegveld Eldorado van Bogotá in te zetten, keek ik bezorgd naar de donkere wolkenpartijen die het toestel omringden. In plaats van de landing verder door te zetten, begon het toestel langzaam rondjes te vliegen. De time-left-for-landing-indicatie op het schermpje met vlieggegevens springt vóóruit van 15 minuten naar 22 minuten.

Intussen schudt het toestel steeds meer en vliegen we door donkere en bliksemende wolkpartijen. Na een half uur rondjes te hebben gedraaid voel ik steeds meer koud zweet in m’n handpalmen. Eindelijk bericht van de captain: vanwege zware onweersbuien gaan we niet landen in Bogotá. Hij heeft toestemming gekregen om uit te wijken naar Medellín. Vliegend op halve kracht en lage hoogte komen we een uur later dan gepland in Medellín aan. Medllín is vooral bekend vanwege zijn narco-imago. Maar met die schietende drugsbaronnen en FARC guerrilla’s valt het inmiddels wel mee, lees ik. Alvaro Uribe, de vorige president, dreef ze de jungle in en nog verder, tot in Mexico toe. Medellín zou nu een mooie en groene stad moeten zijn, maar het noodweer verhindert me om dat te kunnen bevestigen. Nu alleen nog even wachten we totdat alles overgetrokken is en dan hup, terug naar Bogotá...

 

Maar nee

Na één uur wachten in het vliegtuig meldt de purser dat we niet meer terug mogen vliegen naar Bogotá en hier zullen overnachten. Wanneer we het toestel kunnen verlaten is niet bekend. Medellín is een klein lokaal vliegveld en men is niet berekend op afhandeling van grote toestellen. De trappen op dit vliegveld te laag zijn voor de Airbus. De geschikte trappen moeten nu van elders komen. Elders? Waar zou dat ’elders’ in ’s hemelsnaam kunnen zijn?

De mededelingen van de purser en van de captain komen inmiddels nog slechts in het Spaans door. Mijn achter-achter buurvrouw is gelukkig het engels machtig. Steeds stelt ze me op de hoogte van de laatste ontwikkelingen. Na een uur wachten in het toestel zijn de hogere trappen van ’elders’ zowaar gearriveerd!

 

Geduld

Medillín, 19.00 uur lokale tijd. Voor mij +7 uur, dus 2 uur in de ochtend en dat begin ik ook aardig te merken. Nu Colombia in, met alle passagiers tegelijk. De immigratiedienst is helaas even goed berekend op de afhandeling van 360 passagiers als er geschikte trappen voor een Airbus A340 zijn. De vele Colombiaanse kinderen, die zich tot dan toe kranig hadden gehouden (hulde!), beginnen nu in toenemende mate protest aan te tekenen. Het duurt een uur of twee, maar dan zijn alle immigratiefaciliteiten godzijdank achter de rug. Op naar het hotel.

 

Meer geduld

Ai! Zowel het aantal bussen als het aantal hotels blijkt - geheel in lijn met de vliegtuigtrappen en de immigratievoorzieningen - niet berekend op zoveel mensen tegelijk. Maar na veel heen en weer getelefoneer en druk gegesticuleeer van de autoriteiten vinden we allen toch nog onderdak. Al moeten we voorlopig nog ’even wachten’ in de bagagehal. Na vier uren nog steeds geen bagage. Er zijn hier geen stoelen of banken, slechts een koude stenen vloer. Spartaans heet dat. Tegen de muren leunen en op de grond liggen zijn geen aantrekkelijke opties, maar bieden de enige mogelijkheid om de snel groeiende vermoeidheid een beetje te weerstaan. De ouderen (waaronder ik mezelf inmiddels reken) en kinderen begonnen het nu echt moeilijk te krijgen. 80 kleine kinderen zetten het stuk voor stuk op een krijsen.

 

Je zal Schiphol gewend zijn…

Mededelingen over de voortgang van de bagagelossing zijn spaarzaam en spaans. Mijn achter-achter buurvrouw maakt me duidelijk dat er een ernstig dispuut is ontstaan tussen Iberia- en Medellín-autoriteiten. A- Er is geen apparatuur op het vliegveld om de bagagecontainers uit het toestel te laden en te transporteren. B- De bagage mag niet uitgeladen worden omdat alles voor Bogotá  gelabeld is. En Medellín is niet Bogotá. C- Hoe gaan we morgenochtend  de bagage weer aan boord krijgen?

Uiteindelijk komt na vier en een half uur (alles werd één voor één uit het vliegtuigruim getakeld) onze bagage toch koffer voor koffer tevoorschijn... Hoeráá!.

 

Welcome to Colombia

De vliegtuigmaaltijden hebben inmiddels mijn ingewanden aangetast. Rillerig, gekweld door ’lichaamspijnen’ (Surinaamse uitdrukking) en met snel toenemende frequentie naar het toilet. Een even snel groeiend aantal medepassagiers blijkt echter aan hetzelfde euvel te lijden en er zijn wel drie toiletten... Halleluja, ik moet me in duizend bochten wringen om mijn waardigheid enigszins te behouden. Ah! Nu blijkt dat we de bagage toch NIET mee mogen nemen naar het hotel. Om onduidelijke redenen dient die door een detector gevoerd te moeten worden en... in een hoek gezet! Na weer een uur wachten en nog een uur rijden in een krakkemikkerige bus door de regen kom ik dan zonder bagage in het pikkedonker aan in Hotel Intercontinental. Welcome to Colombia!

 

Ah! Bogotá!

Gistermiddag na 24 uur vertraging in Bogotá aangekomen. Fernando, mijn klant, wacht me op na inmiddels tweemaal voor niets naar het vliegveld te zijn gereden. Het blijkt een intelligente, enorm aardige CEO te zijn voor wie niets te veel is om het mij naar de zin te maken. Zijn engels is uitstekend en we blijken elkaar direct te mogen. Zijn enthousiasme voor voor z’n stad en z’n land zijn aanstekelijk en van het bekende Latijns Amerikaanse machismo is nauwelijks sprake. Mijn hotel - Alma - is geweldig. Leuk, klein, smaakvol ingericht, enorm vriendelijke bediening en een heerlijke kamer. Een beetje instabiel internet, dat wel. Maar door af en toe te wisselen van WIFI verbinding houd ik de contacten met Europa levend.

In de Lonely Planet stond het al, en het is ook waar: Colombianen zijn de aardigste mensen van Latijns Amerika. Ons afgesproken werkschema lag aardig overhoop door het onverwachte uitstapje naar Medellín maar Fernando is flexibel genoeg om één en ander flink om te gooien. Morgen, maandag, gaan we echt beginnen. Ben benieuwd.

Bogota is een stad van tegenstellingen. Maar ach, waar is dat niet zo. Het noordelijk gedeelte, tegen de bergen, is buitengewoon aangenaam. Veel groen, veel parken en zeer hippe uitgaansgelegenheden en trendy restaurants. Daar woont - uiteraard - de upper class. Ben ik er in Madrid? In Barcelona? In Milaan? Het Zuiden van de stad bestaat uit eindeloze barrio’s, het equivalent van de Braziliaanse favela’s. Onverbrekelijk onderdeel van Latijns Amerika.

Volgende keer meer, en dan over het werk!

P

 

Actueel

14/05/2012 - Wie is de beste opdrachtgever van Nederland?

Het was natuurlijk in geen enkel opzicht een verdienste van het Design Managemen...

» Lees verder
14/05/2012 - Design as an Enabler of Change

by Kathryn Best, Author, Educator and Consultant, London

» Lees verder
netwerken

dmN is tevens te volgen via onderstaande kanalen:

LinkedIn »
volg ons op Twitter »
»